MEDEDELING art. 83 § 2 NSR en art. 3 Dopingreglement
03 Jun 2026
MEDEDELING art. 83 § 2 NSR en art. 3 Dopingreglement
Volgende wijziging aan artikel 83 § 2 van het Nationaal Sportreglement (NSR), evenals de identieke aanpassing aan artikel 3 van het Dopingreglement, werd, met meerderheid van stemmen, goedgekeurd door de nationale mandatarissen. Deze wijzigingen zullen van toepassing zijn vanaf publicatie van huidige mededeling op de KBDB-website.
De tekst van artikel 83 § 2 van het NSR en art. 3 van het Dopingreglement luiden voortaan als volgt:
Artikel 83 § 2 van het NSR
Alle duiven die aan een wedvlucht hebben deelgenomen, dienen, voor controle door de KBDB of door de organisator, op het hok van de liefhebber ter beschikking te blijven:
A/ van de snelheid tot de grote halve-fondwedvluchten: gedurende minstens 5 kalenderdagen na de sluiting van de wedvlucht waaraan zij hebben deelgenomen. Deze termijn van 5 kalenderdagen is niet van toepassing indien de liefhebber kan staven dat deze duif/duiven aan een door de KBDB erkende wedvlucht heeft deelgenomen.
B/ voor de fond- en grote fondwedvluchten: gedurende minstens 5 kalenderdagen na sluiting van de wedvlucht waaraan zij hebben deelgenomen. Deze termijn van 5 kalenderdagen is niet van toepassing voor de fondwedvluchten indien de liefhebber kan staven dat deze duif/duiven aan een door de KBDB erkende wedvlucht heeft deelgenomen.
Dezelfde duiven mogen niet aan twee opeenvolgende fond- en grote fondwedvluchten deelnemen.
De duiven in overtreding met artikel 83 § 2 van het NSR zullen worden geweigerd bij de inkorving.
Art. 3 § 1 en § 2 van het Dopingreglement
De bevoegde KBDB-instanties zijn gemachtigd op elk ogenblik en op iedere plaats monsters van onder meer uitwerpselen en/of een veer en/of bloed van de sportduiven van haar leden te laten nemen, met het oog op de opsporing van verboden stoffen. Hiervoor dienen alle duiven die aan een wedvlucht hebben deelgenomen, voor controle door de KBDB of door de organisator, op het hok van de liefhebber ter beschikking te blijven:
A/ van de snelheid tot de grote halve-fond wedvluchten: gedurende minstens 5 kalenderdagen na de sluiting van de wedvlucht waaraan zij hebben deelgenomen. Deze termijn van 5 kalenderdagen is niet van toepassing indien de liefhebber kan staven dat deze duif/duiven aan een door de KBDB erkende wedvlucht heeft deelgenomen.
B/ voor de fond en grote fond wedvluchten: gedurende minstens 5 kalenderdagen na sluiting van de wedvlucht waaraan zij hebben deelgenomen. Deze termijn van 5 kalenderdagen is niet van toepassing voor de fondwedvluchten indien de liefhebber kan staven dat deze duif/duiven aan een door de KBDB erkende wedvlucht heeft deelgenomen.
Dezelfde duiven mogen niet aan 2 opeenvolgende fond en grote fond wedvluchten deelnemen.
De duiven in overtreding met art. 3 § 1 van het Dopingreglement zullen worden geweigerd bij de inkorving.
Wij verzoeken alle liefhebbers, verenigingen en betrokken verantwoordelijken om met deze gewijzigde bepalingen rekening te houden.
Met vriendelijke groeten.
De voorzitter van het NSC, De nationale ondervoorzitter,
Dany Vandenberghe. Marius Boboc.

