Deel 1 - In gesprek met levende legende Hans Eijerkamp
04 May 2026
Samen met Miet en Jo Herbots trokken we richting Brummen op bezoek bij levende legende en internationaal duiven icoon Hans Eijerkamp. Hans runt samen met zoon Evert-Jan “Greenfield Stud” waar er sinds decennia fenomenale topprestaties op papier gezet worden. De bedoeling van ons bezoek was om in de “verhalenbundel” van Hans te bladeren. Op zoek naar verhalen over en met Hans die nog niet beschreven zijn. Deze reportage zal in twee delen online gepubliceerd worden.
Retoricus
Appelen vallen niet van perenbomen en zowel Hans als Evert-Jan beheersen de kunst van retoricus. Beiden zijn uitzonderlijke redenaars welke de 5 basisvaardigheden beheersen: de “inventio” (kennis van het onderwerp), de “disposito” (een logische verhaallijn), de “elocutio” (een foutloze stijl), de memoria (de kunst om anekdotes te vertellen) en de “actio” (de overtuiging bij het verhaal).
Als Hans en Evert-Jan hun verhaal doen, is het muisstil, ze hebben ieders aandacht en dat er tijdens ons bezoek aan “Greenfield Stud” heel wat verhalen verteld zijn staat buiten discussie. Verhalen die steeds een boodschap of een “leerschool” bevatten.
Hans is momenteel nog recupererend van een zware operatie aan beide knieën maar heeft, dankzij de hulp van zoon Evert-Jan en kleindochter Fleur, zich knus in “zijn zetel” geïnstalleerd. Een zetel welke op een centrale plaats in de mooie V.I.P.-ruimte staat, dit is de ruimte waar alle bezoekers ontvangen worden, een ruimte waar de tientallen bekers en diploma’s te bewonderen zijn, een ruimte die duivensport ademt en waar de grootse klasse van zoveel gekende “Eijerkamp duiven” bezoekende liefhebbers hun hartslag doet omhooggaan.
Hans en duiven… wanneer zoon Evert-Jan hem een 30-dagen oud jong (samenkweek met familie Herbots uit “White Man” x “Dochter Zoë”) in zijn handen geeft, ziet men zo de fonkeling in zijn ogen. Schitterend om te zien hoe de 91-jarige gepassioneerde Hans met 75 jaar duivenervaring in een paar seconden tijd oordeelt over de kwaliteit van de aangeboden duif. Op een gelijkaardige en gelijkwaardige wijze zoals zijn grote voorbeeld en leermeester wijlen Piet de Weerd velt Hans zijn “oordeel” over deze jonge grijze pieper. Pas wanneer dit jong een goede “eerste indruk” en de gewenste uitstraling en eigenschappen (zachte vette pluim, goede spieren) heeft wordt er naar de stamkaart gekeken. Hans is onder de indruk van het resultaat van deze samenkweek …en het desbetreffende jong krijgt een “pollice compresso” (het teken voor genade in de tijd van de Romeinse keizers) …”dit wordt er een voor ons kweekhok” zegt hij tegen zoonlief.
Duiven correct beoordelen is een kunst die weinigen onder ons in de vingers hebben. Het “Fingerspitzengefül” om duiven te beoordelen is een eigenschap die velen zich toe-eigenen maar weinigen die het beheersen zoals Hans Eijerkamp. “Niemand kent het” verontschuldigt hij zich tegenover ons maar we weten beter. Hans kent het misschien niet, maar ik zou hem toch niet op uw hok laten kiezen want gegarandeerd dat hij met uw beste duiven weg is.
Altijd proberen vooraan te lopen…
Als bezoeker voel je al na enkele minuten dat er achter dit “Eijerkamp-duivenimperium” een weldoordachte strategie schuilt. Hier wordt niet over een nacht ijs gegaan, hier worden geen impulsieve beslissingen genomen, hier worden de taken en verantwoordelijkheden duidelijk op papier gezet. Hans en Evert-Jan zijn meesters in “Leading by the example”. Hun eigen inzet, kennis en levenservaring wordt rijkelijk gedeeld met hun medewerkers en zo blijft iedereen gemotiveerd om de naam Eijerkamp wereldberoemd te maken. Ze kennen voor elkaar geen geheimen en iedereen wordt volop ondersteund om zijn doel te bereiken. “One team, same target — united to succeed.”
1950
Hans nipt van zijn flesje fris water, neemt een zwart notitieboekje in de hand, haalt diep adem en begint zijn verhaal. “In 1950 ben ik met de duiven gestart. Eerst had ik kippen en deze luisterden als de beste. Ik kon ze op een lijn laten staan en wanneer ik een van hen bij naam naar voor riep kwam enkel deze kip naar voor gestapt. Met deze act kon ik bij manier van spreken in het circus gaan optreden. Maar een buur had duiven vliegen en dat intrigeerde me meer. De duivensport veroverde mijn hart. De verschillende klusjes die ik als jonge kerel deed brachten “guldens” in het laatje en zo kon ik bij de molenaar voeder kopen. Met 5 jonge duiven nam ik aan de eerste duivenvluchten deel en de Nederlandse duivenbond was een liefhebber rijker. Mijn papa, Evert-Jan Senior, had in 1928 zijn eigen matrassenfabriek geopend in Zutphen en het was maar logisch dat ik meewerkte in de zaak. De zaken gingen zeer vlot en in 1962 openden we zelfs een 2e meubelzaak.”
Naast het zakelijke was er ook de ambitie om in de duivensport de naam Eijerkamp beroemd te maken en Hans had het snel in de mot…”bij de Gebroeders Janssen in Arendonk moeten we zijn” zei hij tegen zijn vader en de verre reis naar Arendonk werd gemaakt. Hans dacht met enkele duiven huiswaarts te keren maar zo zat de verkoopstrategie van de Gebroeders niet in elkaar. Op de vraag of ze konden bellen wanneer hij wel jongen kon ophalen kreeg Hans een “nee” als antwoord. “Geef me dan jullie telefoonnummer, dan bel ik zelf wel”…maar ook hier antwoorden de gebroeders “nee” op. Wat nu, dacht Hans bij zichzelf. Hij dronk nog eens van de aangeboden limonade (uit een flesje, geen glas) en hij haalde zijn beste “Hollandse charmes” boven en richtte zich tot moeder des huizes. Zij plooide wel en gaf Hans het telefoonnummer. “Ik heb wel 15 x maal moeten bellen vooraleer ik terug naar de Schoolstraat kon rijden om pas geringde jonge duiven te gaan halen.” zet Hans zijn verhaal verder “Toen ik wou betalen aanvaarden ze enkel cash geld en werd het rolluik van het venster op de straatkant eerst naar beneden gelaten zodat de buren het niet konden zien. Deze aankopen bleken later de meest succesvolle investering te zijn die ik ooit gedaan heb” vertelt Hans met wat weemoed in zijn stem. “De Janssenduiven maakten hun verwachtingen waar en de resultaten maakten indruk in heel Nederland. “
Meubelduiven
We kunnen u nu al zeggen dat u dit woord niet in het woordenboek gaat terugvinden, zelfs Chat GPT weet met dit woord geen weg, maar het is het woord dat perfect weergeeft waar familie Eijerkamp zowel zakelijk als op duivengebied zijn succes aan te danken heeft. “Meubelduiven”… nee het zijn geen duiven die niet meer presteren en eigenlijk enkel nog “voor de sier” op het hok zitten—zoals meubels in een huis. Maar het is een meesterlijke commerciële zet van familie Eijerkamp die hen geen windeieren gelegd heeft. “Aan onze Meubelduiven hebben we alles te danken” begint Hans zijn volgend verhaal “Het idee kwam er toen er een liefhebber uit Nijmegen samen met zijn vrouw meubels kwam kopen. We spreken over het jaar 1966. Hij had voor enkele duizenden guldens nieuwe meubelen gekocht en vooraleer we de deal konden afsluiten zei hij “we kopen enkel deze meubelen als ik ook enkele jonge duiven erbij krijg”. Ik twijfelde geen seconde en toen deze mensen de zaak verlieten dacht ik bij mezelf. Dat is het…al die liefhebbers in Nederland…ik ga een actie starten dat ze per aankoopschijf van 1000 gulden aan meubelen een jonge duif mogen kiezen. Geloof het of niet maar we stonden versteld van het succes dat deze actie had. Een jaar later deden we nog een gouden zet. Al die duivenliefhebbers hebben ook een broer/zus of nichtje en zij konden bij aankoop van meubels de naam van hun bevriende liefhebber opgeven. Alle liefhebbers in Nederland stimuleerden hun familie om bij ons meubels te komen kopen. Het werd een gigantisch succes. “Zou dit ook in Duitsland lukken” werd er tijdens een brainstorming op tafel gegooid en er werd besloten om tijdens een grote meubelbeurs in Duitsland ook duiven op de stand te zetten en op deze manier onze actie bekend te maken. “Bull’s Eye” … een schot recht in de roos … ik herinner me nog een Duitse klant die volop van de actie wou genieten. Zijn vrouw koos voor een bedrag van 6000 gulden aan meubels en de man antwoordde “Aber für 6000 Gulden Möbel ausgesucht. Das ist viel zu wenig, geh ruhig noch einmal richtig im Geschäft schauen.“ Zulke belevenissen vergeet je nooit meer.” Ondertussen is het verhaal van de “Meubelduiven” verleden tijd want het liep wat uit de hand. Toen Hans vernam dat de bonnen voor “Meubelduiven” doorverkocht werden en dat sommige liefhebbers veeleisend werden over welke duif ze kregen werd er wijselijk beslist om dit in stilte af te voeren.
En zo had Hans nog tal van mooie verhalen in petto. Verhalen die telkens aantoonden dat hij steeds doordacht te werk ging. Een voorbeeld nog… als Hans bij iemand ten huize kwam om nieuwe meubelen te verkopen keek hij altijd eerst goed rond en als hij een foto van de kinderen zag richtte hij zich tot de mama en vroeg hoe oud de kinderen waren. Nadien bekeek hij de zetels, keurde die van alle kanten en zei “die meubels zijn zo oud en wel aan vernieuwing toe”. De mensen konden hun oren niet geloven dat Hans de ouderdom van de meubels kon inschatten. Zijn truc…vragen naar de ouderdom van de kinderen en er dan een jaar bij doen. Nu zou dat niet meer lukken, maar vroeger wel. Toen kochten de mensen eerst meubels als ze gingen samenwonen en een jaar later waren er kinderen.”
De kunst van retoricus werd dus door Hans iedere seconde uitgespeeld en zo werd op een correcte manier meubels aan de man bracht. “Eerlijkheid is heel belangrijk” benadrukt hij “wie eerlijk handelt, zal niet gauw failliet gaan. Eerlijkheid wordt door iedereen geapprecieerd en het spreekwoord “eerlijk duurt langst” zou iedere zakenman op de deur van zijn kantoor moeten schrijven.”
KLIK HIER VOOR DE VIDEO OVER DE MEUBELDUIVEN
KLIK HIER VOOR DE VIDEO OVER DE VERKOOPSTECHNIEKEN VAN HANS - DEEL 1
KLIK HIER VOOR DE VIDEO OVER DE VERKOOPSTECHNIEKEN VAN HANS - DEEL 2
1971.. Olympiade Brussel
Het eerste “duiven hoogtepunt” van familie Eijerkamp. Hun “Bange van 67” (NL67-1328552) mocht Nederland vertegenwoordigen op de duivenolympiade te Brussel. We hadden een koper uit de USA die een blanco cheque op tafel legde om de “Bange van 67” te kopen. Gelukkig hebben we dit toen geweigerd want hij werd een topkweker. Zelfs nu nog vinden we zijn ringnummer terug in de stamkaarten van onze huidige toppers. Opnieuw werd het commerciële aan de duivensport gekoppeld en Hans stond op de beurs waar zowel duiven als meubels tentoongesteld werden. “Geloof het of niet maar daar hebben we de eerste maal Eric Limbourg ontmoet” vertelt Hans “Eric was er met zijn ouders en ik hoor hem nog steeds tegen hen zeggen…koop meubelen zodat ik ook gratis duiven kan krijgen. Dit verhaal kwam later, toen we de “Geeloger” aankochten nog ter sprake. Ook Eric herinnerde zich dat nog goed.”
Evert-Jan neemt het woord over “zowel ik als mijn broer wijlen Martin (van ons heengegaan op 20-jarige leeftijd in 1990) waren zot van de duiven en gingen in de jaren ’70 en ’80 samen met papa op bezoek bij tal van gekende liefhebbers in Nederland maar vooral in België. België is en blijft de bakermat van de duivensport. Door jullie spelsysteem hebben jullie in België voor iedere afstand (snelheid, halve fond, fond) echte specialisten gekneed en hierdoor blijft iedereen op het scherp van de snee presteren, mogen er geen fouten gemaakt worden en wordt het niveau steeds wat hoger en hoger gelegd. Dat is volgens ons de kracht van de Belgische duiven. Maar laat ons terug gaan naar de talrijke bezoeken. Ik denk niet dat je een topper kunt opnoemen die we niet bezocht hebben en overal stalen we met onze ogen. Zo zagen we bij Vanhee dat hij met jonge doffers op weduwschap speelde en dan spreken we over het jaar ’74. En ook onze bezoeken aan Jan Grondelaers, Tournier, Cobut Raymond en Raoul Verstraete gaan we nooit vergeten. Nog een afgesproken trucje dat we steeds hanteerden bij onze bezoeken was dat wij als jonge gasten bij het bezoek aan de hokken steeds lichtjes tegen de drinkpot stampten. Papa excuseerde zich dan onmiddellijk voor het wangedrag van zijn jongens maar terwijl zagen we wel welk kleur het drinkwater had en konden we hierover iets vragen. Bij Raoul Verstraete werd dezelfde truc gedaan maar de drinkpot bleek leeg. We vroegen aan Raoul de reden waarom deze leeg was en hij antwoordde…dit zijn duiven die op de fond gespeeld worden. Deze hebben tijdens het transport ook meerdere uren geen drinken ter beschikking en zo zijn ze dat al wat gewoon. We spreken over het jaar 1977.”
Gezien de formule van de “Meubelduiven” uitgewerkt was, zochten we een nieuwe uitdaging om liefhebbers samen te brengen en toen werd het kweekstation “Ponderosa Green Field Stud” - hier op dezelfde locatie als we nu zitten - boven de doopvont gehouden. De formule was simpel…wij kochten top duiven en duiven van gekende liefhebbers aan en jongen hieruit werden verkocht. Het werd een immens succes, zelfs zo een groot succes dat we er een kampioenschap aan koppelden. Nu nog spreken de liefhebbers van deze unieke kampioenendagen en nu nog zien we bij liefhebbers de diploma’s van ons kampioenschappen in de woonruimte hangen. We maakten er een ding van om onze kampioenendagen “onvergetelijk” te maken. We waren maar bij manier van spreken tevreden als de vrouw van de liefhebber een traantje van fierheid en blijdschap wegpinkte wanneer haar partner gehuldigd werd. Er werden talrijke mooie prijzen met als hoofdprijs een wagen uitgereikt. Een van die auto’s werd gewonnen door jeugdige Bas Verkerk (toen nog spelend in Alphen A/D Rijn). We hebben later nog dikwijls met Bas gesproken en we voelden zo dat dit een speciaal kereltje was. Eentje die denkt en leeft als een duif…toen hij ons raad vroeg om “duivenprof” te worden hebben we hem daarin volop gesteund.
Wordt vervolgd

